Aan de randen van de dag

De zon schijnt. Een mooie dag. Koerende duiven in de tuin en loeiende koeien van de buurman. Dat is een fijne start van de dag. Vrolijk wakker worden Elke ochtend is mijn eerste gedachte: hoe voel ik me? Misschien gewoon beroepsdeformatie. Maar het helpt me in elk geval om heel bewust mijn houding van de dag te kiezen. Humeurmanagement.

Soms ontwaak ik met een zorgelijk gevoel. Mijn droomwereld vertelt me dat ik diep van binnen af en toe bang ben voor wat er kan gebeuren. Fysieke slijtagepuntjes van dierbaren worden – zo net uit de nacht – forse medische problemen. Mijn eigen recente medische malheur kleurt mijn waarnemingen. Waarom zie ik opeens soms minder scherp? Wat is dat rare plekje op mijn been? Die steek in mijn buik?

Aan de randen van de dag is er werk aan de winkel. Mijn kleindochter van net 9 weet dat al. Overdag bepaalt ze ‘welk vakje in haar hoofd’ ze zal kiezen als ze ’s avonds niet kan slapen: iets leuks of interessants om over na te denken. Heel bewust kiest ze dus al haar gedachten. Natuurtalent. Mijn ritueel is het opsommen van alles wat goed was die dag. Het benoemen van momenten van blijdschap en dankbaarheid. De glimlach die doorbrak op het gezicht van de verdrietige cliënt. De buurvrouw die appt ‘moedige lieverd’. Het prachtig groene voorjaarsbos en het kopje koffie op het terras. Ze geven me een goed gevoel op de rand van dag en nacht. De beelden van een Netflix-serie mee de nacht innemen is gewoon minder slim. Gaan slapen met op je netvlies dementerenden uit een docu – hoe goed ook – is voer voor mijn onderbewuste. De beren op de weg staan zich al te verheugen op het ochtendgloren.

Voor mij geen rondje rennen in de ochtend, maar een perceptie-rondje. Wat voel ik? Waardoor? Wat moet ik verwerken en wat kan ik anders zien zodat ik het ook anders ga ervaren? En wanneer en hoe ga ik dat dan doen? Emotie-management.

Soms stel ik me voor dat ik zelf op de bank op de Kuipershaven zit. Ik voer een innerlijke dialoog. Waar is die vrouw op de bank zo moe van? Waarom is ze stil? Waarom moet ze huilen? De afgelopen weken zat ik er af en toe al zag je me niet. Voor het verdriet dat mijn lichaam zulke harde ingrepen moest ondergaan. Voor het pijnlijke besef dat ik nog maar weinig lijk op het jonge meisje van 18 op wie mijn man verliefd werd. Aan de vooravond van de operatie stond ik nog even heel dicht tegen hem aan: met beide borsten. “Dat gaat anders voelen.” Maar ook: die ‘naked truth’ in de spiegel die me sterker maakt. Het litteken als symbool van mijn kracht, mijn autonomie. Het bewijs dat ik die weg heb gekozen die bij mij past. Geen bestralingen, geen hormoonkuren. Met soms even een diep huilen dat van ver komt.

Maar wat overheerst is de dankbaarheid dat er niets levensbedreigends was, nauwelijks pijn, geen lijden. Dankbaar voor de chirurg die afweek van de interne beslissing van een medisch multidisciplinair team en echt naar mij luisterde. Ik had voor de tweede keer borstkanker. En ik bofte: Ik kon gewoon weer verder met mijn leven.

Voor mij is het gezond mee te bewegen met de stroom van het leven. Het is zoals het is. Bewust omarmen wat op mijn pad komt. Het verdriet èn de dankbaarheid. De imperfectie èn de schoonheid ervan. De kracht èn de kwetsbaarheid als patiënt.

Overgave aan wat je overkomt, maakt rustig. Je verspilt je energie niet meer. Waar je verwarde gedachtenwereld verdwijnt, ontstaat ruimte in jezelf en begint er een heel ander gevoel door je heen te stromen. Je raakt verbonden met een groter geheel, raakt aan de essentie van jezelf en je bestaan. Het gaat zoals het gaat. En je blijkt aan te kunnen wat zich in je leven aandient.

Het wordt een mooie dag. Alweer.